Cross-sectoraal: Aerospace en Automotive

Deze week bezocht ik een workshop over een cross-sectorale samenwerking tussen automotive en aerospace Industries bij de Aircraft Maintenance & Training School. Thema's deze dag waren design, productiematerialen en productieautomatisering. Door cross-sectoraal te werken, kan men veel van elkaar leren, samen gaan onderzoeken en dit ook toepassen. Zou 3D printen daarin ook een rol kunnen spelen?

Hangar.jpg

Over de grenzen van de eigen sector heen ontstaan de innovaties. Een aerospace engineer heeft voor 85% dezelfde competenties als een automotive engineer. Wel is de aanpak van diverse vraagstukken omtrent materialenkeuze, design en automatisering vaak verschillend. Door cross-sectoraal te werken kan veel van elkaar geleerd en onderzocht worden en kan dit ook worden toegepast. Zo zijn er overeenkomsten te zien in het testen van materiaal, bijvoorbeeld op temperatuur. Gesteld werd dat er een tendens gaande is naar het gebruik van lichtere materialen. De keuze voor lichte staalsoorten, aluminium of composieten is per toepassingsgebied anders. Naast de materialenkeuze en de verwerking daarvan, is productieautomatisering een belangrijke factor en maakt deze een sterke ontwikkeling door.



Aerospace vs. automotive


Met de aanwezigen werden de raakvlakken en verschillen tussen aerospace en automotive besproken. Zo kennen beide industrieën veel complex regelwerk. Vooral bij vliegtuigindustrie is dit zeer uitgebreid. Een Boeing 737 wordt keer op keer gekopieerd. Voordat er een goede Dreamliner wordt geïntroduceerd, is men zo twintig jaar verder. De looptijd van een vliegtuigtype is dus vele malen langer dan bij een auto. Bij autotypes gaat het daarnaast om 100.000-en stuks, bij vliegtuigen zijn dit - afhankelijk van het type - aanzienlijk kleinere series. 
De komende decennia ligt er wel een enorme uitdaging voor de aerospace. Europese bestemming moeten voor iedereen snel bereikbaar kunnen zijn. Dat betekent alleen al een aanzienlijke groei in aantallen vliegtuigen.

Kansen voor 3D printen


Deze workshop benadrukte voor mij ook weer dat aerospace en automotive tegelijk twee branches zijn waar uitgebreide kansen liggen voor 3D printen. Faalkostenreductie, prototyping, snel leveren en productie in eigen land zijn slechts enkele directe voordelen. Om dit te realiseren is ook onderlinge samenwerking nodig. In de autoindustrie zien we 3D printen vooral terug in kleine aantallen customized products. Bij de fabricage van auto’s wordt al wel meer gebruik gemaakt van 3D printen. Bijvoorbeeld voor machines die gebruikt worden voor de productie van auto’s. Ook leveren bedrijven als Rolls Royce en Saab al motoren aan de vliegtuigindustrie en wordt binnen die fabrieken al gewerkt met 3D printen. De ontwikkelingen gaan snel en de mogelijkheden zien we op dit moment vooral in complexe vormen en bijvoorbeeld bij lichtgewicht materiaal.

Besparing door 3D printen


Een eerder gedane analyse door Roland Berger toont aan dat een minimale aanpassing aan een - op het eerste oog - klein vliegtuigonderdeel een enorme besparing kan opleveren. Dankzij 3D-printen kunnen vliegtuigfabrikanten bijvoorbeeld het gewicht van veiligheidsgordels verlagen van 155 naar 70 gram. Dit lijkt een kleinschalige verbetering, maar het bespaart meer dan drie miljoen liter kerosine of € 2 miljoen over de totale levensduur van een Airbus A380 vliegtuig. Het is maar een voorbeeld...


Ik kijk terug op een zeer geslaagde dag, waaruit weer blijkt dat er op allerlei vlakken nog volop kansen en mogelijkheden liggen! 

Tijdens de workshop ‘Aerospace meets Automotive’ gingen AutomotiveNL en de Netherlands Aerospace Group (NAG) op zoek naar de 'cross-overs'. Zij werden ondersteund door enkele automotive en aerospace gerelateerde hogescholen. De dag werd geleid door Ramon Vullings, dé specialist op het begeleiden van cross-sectorale samenwerking.

foto's: Aircraft Maintenance & Training School